Valère Burnon

Dankzij zijn veelzijdigheid beschikt hij over een rijk en gevarieerd repertoire, waarmee hij zowel als solist, in kamermuziekverband als met orkest optreedt. Hij werkte onder meer samen met het Orchestre Royal de Chambre de Wallonie, Sinfonia Varsovia, evenals met de orkesten van Brussel, Luik, Antwerpen, Milaan en Metz, onder leiding van Augustin Dumay, Kazushi Ono en Marc Albrecht.
Daarnaast trad hij op in prestigieuze zalen zoals de Philharmonieën van Keulen, Luik en Luxemburg, de Salle Cortot in Parijs, Studio 4 van Flagey en Bozar in Brussel, de Salle Reine Élisabeth in Antwerpen, het Concertgebouw van Brugge, de Tonhalle in Düsseldorf en de Yamaha Hall in Ginza, Tokio.
Zijn discografie omvat tot op heden twee opnamen. Zijn eerste album, verschenen in 2020 bij Azur Classical in samenwerking met de Belgische pianist en componist Luc Baiwir, bundelt werken van Claude Debussy, Sergei Prokofiev en Sergei Protopopov, een weinig bekende futuristische Russische componist van wie de Préludes, op. 32, tot dan toe nog nooit waren opgenomen. In 2021 bracht hij bij Musicaphon het album Neoteric uit, in duo met de Duitse klarinettist Andreas Hermanski, gewijd aan Francis Poulenc, Ernest Chausson, Claude Debussy en de Scandinavische componisten Magnus Lindberg, Arvo Pärt en Rolf Martinsson.
Valère ontdekte de muziek op zesjarige leeftijd met de viool. Zijn ouders merkten al snel dat hij op een klavier alles wat hij hoorde op gehoor kon naspelen. Zij schreven hem vervolgens in voor pianolessen bij Émilie Chenoy in Marche-en-Famenne, die hem al snel voorstelde aan haar voormalige docente Marie-Paule Cornia. Gedurende bijna tien jaar studeerde hij bij haar aan het Conservatoire de Huy en vervolgens aan het Conservatoire Royal de Liège. Tegelijkertijd zette hij zijn vioolstudie voort bij Valérie Cantella aan het Conservatoire de Ciney en speelde hij in verschillende orkesten, waaronder het Orchestre Terra Nova de Namur onder leiding van Étienne Rappe en het Orchestre Symphonique des Étudiants de Louvain-la-Neuve onder leiding van Philippe Gérard.
In 2016 trad hij toe tot de klas van Jean Schils en Marie-Paule Cornia aan het Conservatoire Royal de Liège, waar hij in 2018 zijn bachelordiploma behaalde, na tevens te hebben gewerkt met Étienne Rappe en François Thiry. Vervolgens zette hij zijn opleiding voort aan de Hochschule für Musik und Tanz Köln bij Florence Millet, waar hij in 2021 een master behaalde met de hoogste onderscheiding. Datzelfde jaar werd hij toegelaten tot de Accademia Incontri col Maestro in Imola, waar hij zijn artistieke ontwikkeling verder verfijnde bij Leonid Margarius en in 2024 een Diploma Master behaalde.
Als veelzijdig artiest bouwt Valère Burnon verder aan een parcours waarin virtuositeit, poëtisch gevoel en muzikale nieuwsgierigheid samenkomen ten dienste van een veeleisend repertoire, steeds in dialoog met het publiek.
Valère Burnon is sinds 2022 Artiest in residentie aan de Muziekkapel Koningin Elisabeth, in de klas van Frank Braley, Avedis Kouyoumdjian en Jean-Claude Vanden Eynden.
Laatst bijgewerkt: 16 februari 2026